| Geschiedenis
Eind jaren zestig kwam de abortusvraag
sterk op. In Nederland waren (nog) geen mogelijkheden om deze ingreep
uit te voeren en bovendien was dit verboden en dus strafbaar. Medewerkers
van de NVSH en de Rutgers Stichting hebben zich toen georiënteerd op mogelijkheden
in het buitenland.
In Londen vonden zij, na een persoonlijk bezoek van enkele medewerkers,
een betrouwbare kliniek. Met behulp van door hen begeleide chartervluchten
konden cliënten daar naar toe. Een geheel andere (onbegeleide) mogelijkheid
bleek het toenmalige Joegoslavië te zijn, waar vooral cliënten die geen
geld hadden geholpen konden worden. Aldaar konden zij na behandeling zelf
hun geld verdienen om dit te betalen.
Amsterdam nam in die tijd, wat de abortushulpverlening betreft, een voorhoedepositie
in. Dit hing samen met de aldaar bestaande grote vraag om abortus. Omdat
de NVSH niet wilde meewerken aan het op gang brengen van mogelijkheden
om abortus uit te voeren èn omdat de bovengenoemde chartervluchten verboden
werden, traden toen vrijwel alle artsen en andere medewerkers uit de Amsterdamse
afdeling van de NVSH. In 1970 werd de onafhankelijke stichting MR70 opgericht,
met abortushulpverlening als eerste doelstelling. Zij hadden de tijd mee
en kregen van vele kanten hulp aangeboden.
Zo was er een groep gynaecologen die hen de ingreep leerde verrichten,
zij verkregen het recht tot gratis gebruik van het Beatrixoord in het
Oosterpark als kliniek, de GG&GD stelde haar bureau op de Groenburgwal
gratis ter beschikking voor (avond)spreekuren en vele instanties gaven
geld aan MR70, maar ook pillen en benodigde materialen. De eerste medewerkers
van MR70 werkten zonder vergoeding of ver onder de prijs en ziekenhuizen
als het Wilhelmina Gasthuis en het OLVG dienden als achterwacht.
Na het Beatrixoord werd er gewerkt vanuit het Bachplein en het Slotervaartziekenhuis.
Sinds 1990 is MR70 gehuisvest aan de Sarphatistraat in de voormalige Oranje
Nassaukazerne.
Behalve abortushulpverlening bood en biedt MR70 ook seksuologische hulpverlening
aan. Belangrijke mensen voor deze hulpverlening zijn Dr. Frank Wibaut,
Prof. Michiel Hengeveld en Mària Schopman geweest. Ook nu zijn er gemiddeld
3 spreekuren per week en heeft MR70 ook een vestiging in Bussum.
Veranderingen in 30 jaar abortushulpverlening
Abortus is in de loop van de tijd vanzelfsprekend geworden. Sinds
1985 is abortus via de Wet Afbreking Zwangerschap geregeld. Met een bedenktijd
van 5 dagen kan iedereen worden geholpen. Abortus wordt betaald uit de
AWBZ en is voor iedereen die legaal in Nederland verblijft gratis. Cliënten
zijn mondiger geworden en beschouwen abortus niet als een gunst maar als
een recht.
MR70 vond altijd, in feite als enige abortushulpverlenende organisatie,
dat de bespreking van anticonceptie na de ingreep van essentieel belang
is en daaraan gekoppeld dient te worden. Hiertoe bestonden er vanaf het
begin anticonceptie spreekuren. In de beginperiode werd door medewerkers
van MR70 ook regelmatig voorlichting over anticonceptie gegeven op scholen,
opleidingen e.d. Anderen hebben dit geleidelijk overgenomen. In de loop
van de tijd is ook gebleken dat de regulering van de anticonceptie steeds
meer het terrein van de huisarts is geworden. De toeloop tot de anticonceptie-spreekuren
is hierdoor iets afgenomen, maar nog altijd zijn er mensen die liever
naar MR70 komen.
Aanvankelijk was een aanzienlijk aantal van de cliënten in het buitenland
woonachtig. Dit is nu nog maar uiterst zeldzaam. Ongetwijfeld heeft dit
te maken met het feit dat MR70 vanaf het begin een goede regeling met
het ziekenfonds had.
Wel is er sprake van een sterke stijging van het aantal in Nederland woonachtige
allochtone cliënten die nu ongeveer de helft van het totale aantal cliënten
uitmaken. Het gebruik van anticonceptie van mensen uit deze andere culturen
bleek evenwel, evenals dat destijds in Nederland het geval was, lang niet
altijd vanzelfsprekend te zijn.
Kunstmatige inseminatie met behulp van donoren heeft een tijdlang in het
pakket van MR70 gezeten, met name ten behoeve van lesbische paren en alleenstaande
vrouwen. Later hebben enkele grote ziekenhuizen dit overgenomen en werd
deze activiteit bij MR70 gestaakt. Nu de ziekenhuizen de KID laten liggen
bestaan er plannen om dit opnieuw te gaan doen. Dit lijkt op zich ook
een taak voor de organisatie te kunnen zijn. Echter, met het oog op de
veranderingen omtrent de anonimiteit van de donoren, welke op komst is,
lijkt KID een moeilijke toekomst te krijgen.
Vanaf februari 2002 zijn personeel en taken van de Rutgerstichting gevestigd aan de Overtoom opgegaan in MR70. Van af die datum tot 1 maart 2010 heette de stichting Amsterdams Centrum voor Seksuele Gezondheid ofwel MR70/Rutgershuis.
|